Motobécane

Een mislukking markeerde het begin van de firma van Able Bardin en Charles Benoit, die als missie had een belangrijke bij­drage aan de massamotorisering te leveren. De kleine open tweezitter-auto die ze ontwierpen kwam niet verder dan het experimentele stadium. Een groot succes zou de daaropvolgende motor­fietsfabricage worden. In 1921 ontstond de firma ”Usines Moto­bécane” en in 1923 was de eerste motorfiets, het model A, een feit. Een versterkt fietsframe, met voorvering, droeg een zuiger­ge­stuurde 172 cc tweetakt, die het achterwiel aandreef via een riem. Er was zowel een heren- als een damesmodel leverbaar. Er wer­den meerdere duizenden exemplaren van deze motor gebouwd. En dat leverde weer een solide financiële bodem op, waarmee nieuwe ontwikkelingen gefinancierd konden worden. Gedurende de twintiger jaren ontstond een heel gamma aan tweetakten met een inhoud tussen de 98 en 355 cc. Daarnaast werden er ook vier­takt motorfietsen aangeboden, met Blackburne kop- en zijkleppers. In de dertiger jaren werden ook eigen viertakten ge­maakt: kop- en zijkleppers met blokmotoren. Zelfs na de oorlog maakte het merk nog 125 en 175 cc viertakten, maar later beperkte de fabriek zich tot tweetakten.
Zo ontstond de uiterst succesvolle 50 cc ”Mobylette”, die al in 1949 op de markt kwam en waarvan er meer dan 13.000.000 gemaakt werden. Daarnaast werd er vanaf 1970 ook een sportieve 125 cc tweetakt twin aan de man gebracht. De laatste ”zware” Moto­bécane was de 350 cc driecilinder tweetakt. Om de uitstoot van schadelijke stoffen te beperkten werkte men koortsachtig aan een elektronische benzine-inspuitsysteem. De weinige exemplaren die vanaf 1973 verkocht werden, waren echter gewoon van een carburateur voorzien.