Imperia

Van oorsprong werd de firma in 1923 opgericht door Dr. Becker. Hij was in Keulen ook al aandeelhouder van andere motormerken. Er werden motorfietsen gebouwd met inbouw­motoren van onder andere Blackburne, JAP, Bradshaw en MAG. Financiële problemen bleven echter niet lang uit. De raceafdeling was eigenlijk veel te groot voor zo’n jong merk.
In 1926 werd het bedrijf overgenomen door de Familie Schrödter van de machinefabriek Rheinland in Bad Godes­berger. Zij veranderden de naam in Imperia Fahrzeugwerke GmbH. De oude voorraad werd opgebruikt en er ontstonden motoren met ouderwetse framebouw. Vooral voorzien van de MAG V-twins met 496 tot 746cc cilinderinhoud.
In 1929 kwam de eerste nieuwe constructie van de familie Schrödter, de 500cc Impera Sport. Het nieuwe frame werd voorzien van de modernste 22 PK sterke MAG ohv-één­cilinder. Logisch natuurlijk dat al het oude spul uit het programma werd verwijderd. Een jaar later verscheen de ”Rheingold’, met een 26 PK sterke JAP kopklepper V-twin van 678cc.
Later kwamen de sportmodellen. Voorzien van 350 en 500cc vierkleppers van Rudge -met de merknaam Python- en een 498cc grote kop/zijklepper van MAG.
Het einde kwam met de V-twin van 1933. In plaats van de 848cc JAP V-twins, werden MAG V-twins gemonteerd. In verband met de politieke verhoudingen was het niet mogelijk buitenlandse motoren te importeren. En ondanks het feit dat de Duitse fabrikanten konden inspringen, waren hun motoren lang niet sterk genoeg en niet geschikt voor een sportfiets.
Imperia bloeide vanwege het sportieve image, dat door de fabrieksracers werd opgebouwd en dat dankzij de productieracers ook gewoon gekocht kon worden. De ambitieuze raceprojecten, zoals de tandemmotoren, van Dr.-Ing. Rolf Schrödter kregen alleen al vanwege de krappe financiën geen voet aan de grond. De firma sloot haar poorten in 1935.